| Liefste
Ik ging naar je toe
Want het was tijd.
Ik ging naar je toe
Om jou.
En om mijzelf met jou te troosten.
Wij praatten een wandeling vol met
woorden
Die door en over elkaar heen buitelen.
Terwijl de natuur stil, geluidloos werd
Raasde het in ons voort,
Onvermoeibaar.
Tot de moeheid toesloeg,
Jij wegzakte in een warm bad
En een loom etentje welkom was.
Over het tafeltje heen bekeken we
elkaar.
Ik was bij je.
Want het was tijd.
Ik was bij je
Om jou.
En om mezelf met jou te troosten.
Ik was nog wakker toen je sliep.
Want ik wilde jouw veiligheid zijn
En je geruststellen elke keer
Als je onrustig was;
Je vasthouden tot je adem rustig werd.
Ik keek aandachtig naar je.
Hoe je in rust ontspannen raakte,
Beschermd door mijn lijf en aandacht.
Niemand zou je kwaad kunnen doen.
Alle spoken bleven buiten.
Zo had je geschreven wat je wilde,
waar ik zo graag aan wilde voldoen.
Ik lag dicht naast je
Want het was tijd.
Ik lag dicht naast je
Om jou.
En om mezelf met jou te troosten.
Ik wilde niet slapen;
Tot me door laten dringen wat er gebeurde.
Voelen hoe nauw wij feitelijk verbonden waren.
Dat ik kon bidden voor jou, gewoon uit mijzelf,
Voor jouw leven dat mij zo dierbaar is, voor vernieuwde kracht.
Ik wilde niet slapen.
Je niet storen met het lawaai
Dat ik uit me zou willen snijden.
Als ik me omdraaide, me eindelijk over wilde geven
Aan de slaap, haalde je me met een lange arm terug.
Jij mag dat en het deed me goed.
Ik kroop dicht tegen je aan.
Want het was tijd.
Ik kroop dicht tegen je aan
Om jou.
En om mezelf met jou te troosten.
Wakker geworden: mijn rustende lief
Naar me toegewend. Adem door adem.
Twee handen om mijn hoofd gevouwen.
Als in uiterste concentratie.
Bijna religieus.
Je was boven mij.
Warm en ontspannen.
Met de lach in het donker die ik ken.
Waarmee je mij naar je toehaalt.
Waarin alles van jou gereed is.
Je kuste me zoals je alleen dan
kunt kussen.
Ik was klaar voor je.
Want het was tijd.
Ik was klaar voor je
Om jou.
En om mezelf met jou te troosten.
Ik verstond alles wat je gaf.
Verstond alle woorden die je zachte huid
Betekenisvol op mij drukten.
Ik zonk in je weg, je dronk me op.
Van mij restte alleen nog maar gevoel.
Ik streelde je om je te beminnen.
Om je open te maken terwijl je al open was.
Zo open dat ik je kon nemen en daarmee
Aan je dringende vraag gevolg kon geven.
Hevig en sterk: nemen. Alles.
Ik nam je
Mijn vrouw,
Want het was tijd.
Ik nam je:
Jouw man.
Om mijzelf,
En om jou met mij te troosten.
Ik kijk in het donker en zie je
gestalte, je lachende ogen.
Het prachtigst ben jij als je open ligt.
Lachend, verwachtingsvol en onstspannen.
Bereid en willig in alles van je heerlijke lijf.
Je prachtige borsten ...
Mijn koningin.
Jij weet mijn opwinding vrij te
maken,
Je benen te spreiden voor mij.
Je voelt hoe ik kom, waar ik groei en geniet;
Waar ik adem en leef:
Bij jou, in jou.
Wij sliepen samen
Want het was tijd.
Ik sliep bij jou
Omwille van mezelf.
Omdat er geen woorden zijn
Kon ik alleen nog maar huilen.
Tranen op je zachte huid.
Ik kus je.
|